brodernabunyak.reismee.nl

Worstelen

'Shit, dit is een grote! Waar die dan ook precies plaatsvond, daar is een hoop kapot. Naar buiten, snel!' zegt Brian. Ik grijp in een reflex mijn biertje en telefoon van tafel en speer naar buiten. De andere Westerse gasten in Banna Cafe blijven wat lacherig binnen zitten. Met vier verdiepingen beton van Chinese makelij boven hun hoofd. Zij liever dan ik.

Momenten daarvoor voel ik me erg raar worden, een soort van licht in mijn hoofd, het voelt als een opkomende duizeligheid. Ik zit toch stil? Waarom beweeg ik dan? Planten schommelen heen en weer, ik hoor dingen rammelen. Op straat komt een brommer waggelend tot stilstand. Het duurt een seconde of vijf voordat we snappen wat er aan de hand is. Aardbeving. Inderdaad een grote, het duurt een seconde of vijftien schat ik. Mijn eerste. Ik ken weliswaar de verhalen van mijn moeder die een grote in Istanbul heeft meegemaakt in de zestiger jaren maar ervaring uit de eerste hand is toch net even anders. Het is waarschijnlijk niet mijn laatste want de lokale bevolking staat me wat lacherig aan te kijken om de verwilderde blik in mijn ogen, ze zijn er kennelijk aan gewend. Maar ze staan wel allemaal buiten.

Brian heeft een paar jaar op Taiwan gewoond. 'Gebeurde daar twee keer per dag zo'n beetje. En ik woonde op de 27e etage...' zegt hij. Ik vind het maar niks. Na een minuut of tien zegt hij dat we weer naar binnen kunnen, grote naschokken vinden normaal gesproken binnen twee minuten plaats volgens hem. Hij heeft het mis. De tweede schok voelt net zo intens als de eerste maar duurt minder lang. En voelt misschien zo intens doordat ik nog steeds probeer te wennen aan het idee dat ik in een worsteling met de aarde ben verwikkeld. Zo voelt het en het gevoel dat die aarde altijd gaat winnen is heel sterk.

'Joehoe! Jongens, alles goed?' Joachim komt aanrijden op de brommer van Shan Fu, de manager van een guesthouse waar we mee samen willen werken, zij zit achterop. Hij was naar haar woning op de 14e etage aan de rand van Jinghong toe gegaan om die te bekijken. En was daar toen de aardbeving langskwam. Ik zie de opwinding in zijn ogen, de resten adrenaline zitten zichtbaar nog in zijn bloed. En in dat van Shan Fu. We kijken of er al reports op internet verschijnen. Earthquake-report.com blijkt de eerste. Logisch. 7.0, epicentrum negentig kilometer ten noorden van Chang Rai in Thailand. Da's om de hoek, achthonderd kilometer ongeveer. Vorige week was er een schok van 5.3 op duizend kilometer ten noorden van ons waar we niets van hebben gevoeld. Deze was bijna honderd keer zo hevig als ik de schaal van Richter een beetje snap. En dichterbij. Oh ja, we hebben hem gevoeld.

Thuis aangekomen voelen we nog een derde flinke schok, We zitten dan wel op de 6e etage. We kijken elkaar aan, gaan of niet gaan? We kijken uit het raam, de straat stroomt vol met Chinezen. 'When in Rome, do like the Romans do' lijkt een toepasselijk spreekwoord in deze omstandigheden. Wanneer we willen gaan houdt het schokken op dus we besluiten binnen te blijven. En nu, de volgende ochtend, gedurende het schrijven van de tweede alinea van dit verhaal, beginnen de planten weer te schommelen. Het went niet.

De dag gered!

'Gebeurt niets van, ik weet niet wie je bent dus ik ga je niets sturen.' Xu Ying, onze advocate, vertelt me een tijdje terug de reactie van Meneer Li, de huisbaas, op haar verzoek de eigendomspapieren van het hotel aan haar te sturen ter controle. Hmm... Nadat ik dit aan Brian meldt belt hij Meneer Li en wordt ook afgepoeierd aan de telefoon. Hmm... We maken ons zorgen, hebben het idee dat hij misschien bij nader inzien toch wat minder zin heeft gekregen om zaken te doen met een stel 'laowai', vreemdelingen. Dat is voor hem in het begin een hoop meer gedoe dan wanneer hij het hotel verhuurt aan een Chinees. Of dat hij ons de eigendomssituatie van het hotel anders heeft voorgespiegeld dan het werkelijk is. En het toegeven daarvan betekent gezichtsverlies. En zijn gezicht verliezen gaat een Chinees zakenman niet snel doen. En tussen het moment dat we de aanbetaling op de eerste jaarhuur hebben gedaan en het moment dat ons nieuw opgerichte bedrijf de definitieve huurovereenkomst met hem tekent hebben we eigenlijk geen enkele praktisch zinvolle rechtsbescherming. En zijn we dus een hoop centjes kwijt wanneer het misgaat.

De afgelopen weken hebben we met zijn vijven bergen werk verzet. Het hele hotel nagelopen om te zoeken naar mogelijke problemen. En er de nodige gevonden. Samen met de Italiaanse consultants in Kunming een uitputtend overzicht van benodigde vergunningen gemaakt, inclusief een lijst van de overheidsorganisaties waar we ons allemaal moeten vervoegen om die vergunningen te bemachtigen. Alle design werk voor de kamers, bar en restaurant, keuken, receptie gedaan. De look and feel van onze marketing bepaald. De website content geschreven. Een nieuw marketing idee uitgewerkt waarin Brian als 'huisschrijver' een sectie op de website maakt waarin we een feuilleton gaan creeren over ons hotel. Non-fictie en fictie door elkaar heen, wijzelf er in als karakters, andere Jinghongers als karakters, gasten, al dan niet anoniem, als karakters. Foto- en videomateriaal gebruiken. Dallas online maar dan in Jinghong. Een blog maar dan drie stappen verder. En nu is het misschien allemaal voor niets.

Op de trap naar de derde verdieping waar haar bar is gevestigd loop ik haar tegen het lijf. Ze is klein, fragiel, een voormalig model. Dat bleek toen ze me een tijdje geleden een aantal foto's liet zien waarop ik haar in eerste instantie niet herkende onder alle make-up en het zeer Chinese Tony & Guy vogelnest op haar hoofd. Haar zelfgekozen Engelse naam is Cleo. Ze is de lokale 'coolgirl' die mij in het begin van mijn verblijf in Jinghong een paar weken Chinese les heeft gegeven. Voor niks, een rariteit in China. We draaien al een maand of drie om elkaar heen zonder echt verder te komen. Mijn relatie met LiQiang en daarna Sophie die mijn leven binnen- en weer buitendendert staan dat aan mijn kant in de weg. En zij is erg voorzichtig geworden na een paar vervelende ervaringen met laowai zoals ze me eens heeft toevertrouwd. We maken een kort praatje halverwege de donkere trap en opeens is daar een omhelzing en een voorzichtige zoen. Ik draai me om en loop weg, in de war doordat ik nog steeds worstel met mijn gevoelens voor Sophie. Maar Cleo is wel erg leuk. Mooi ook vooral en erg on-Chinees voor een Chinese. Maar ik ben maar voorzichtig met haar, ze is te leuk en Jinghong is een te kleine gemeenschap om problemen van deze soort te veroorzaken. 'Kalm aan met de vrouwen hier!' raadt Brian mij en Kim aan. Hij kent onze voorliefde en maakt zich zorgen over reputatieschade. Dus misschien moest ik me maar eens een beetje inhouden. En het feit dat ik me dat realiseer is misschien wel de reden voor de ontmoeting met Sophie. Wie het weet mag het zeggen.

Na overleg met Xu Ying besluiten we Meneer Li uit te nodigen in Jinghong om een hele berg moeilijke onderwerpen met hem te bespreken. Onze kijk op zijn geestesgesteldheid jegens ons maakt dat we ons ernstig zorgen maken over de mogelijke uitkomst van dat gesprek. We bereiden het zorgvuldig voor. Xu Ying komt naar Jinghong met de eerste versie van wat de definitieve huurovereenkomst moet worden. Wij stellen een lijst op met op- en aanmerkingen die we hebben over de toestand van het gebouw en van regelingen die wij in de overeenkomst willen zien. We spreken uitgebreid de strategie door. Brian heeft tot dusver steeds gesproken tijdens de ontmoetingen omdat hij Chinees spreekt maar we besluiten dat nu het moment daar is voor mij om het heft in handen te nemen. Ik moet de rol van 'laoban', baas, gaan spelen. De andere partners spreken alleen wanneer ik dat aangeef. Weer eens wat anders.

'Mei wen ti.' 'Keyi!' 'Geen probleem.' 'Dat kan!' Mooie woorden voor ons. De ontmoeting begon ontspannen, praatje over zijn project in Dali, over wat ons de afgelopen tijd zoals heeft beziggehouden en na een tijdje begon Xu Ying daar erg handig allerlei onderhandelingspunten doorheen te weven. De dame heeft grote hoeveelheden haar op de tanden wanneer het moet maar hier laat ze een hoeveelheid precontractuele soepelheid en handigheid zien waar ik erg blij van werd. De zorgen die we ons maakten over de ontmoeting bleken dus wederom ongegrond. Mezelf op de borst kloppend, ik kan kennelijk nog steeds een goed team bouwen. Onze vertaalster, vooral onze advocate en ook een klein beetje wijzelf hebben de show gered, althans dat is het mooie gevoel waarmee we achterbleven. Al onze onderhandelingspunten zijn uiteindelijk door hem geaccepteerd. Er kwam inderdaad een risico naar boven voor ons omdat hij het hotel heeft verhypothekeerd om zodoende centjes voor zijn project in Dali bij elkaar te harken. Hij zegde ons echter toe een overeenkomst met de bank te zullen maken waarin hij afspreekt dat de bank het huurcontract met ons respecteert mocht het aan zijn kant fout gaan. Ik neem dat dat flink wat 'guanxi' vraagt en ook dat is weer een goed teken, het feit dat hij dergelijke zaken in een handomdraai regelt. Hij zegde bovendien toe de hypotheek nog in 2011 te zullen aflossen. Verder wederom een hoop toespelingen op andere, vooral grotere dingen waarin we in de toekomst mogelijkerwijs samen kunnen werken. En op het feit dat vele mogelijke moeilijkheden met de lokale overheid in Jinghong als sneeuw voor de zon zullen verdwijnen wanneer hij zich er mee gaat bemoeien. Handig.

Na afloop met zijn allen er kuai gegeten, een typisch Bai rijstgerecht uit Dali, waarvan Meneer Li de ingredienten in zijn aktenkoffertje had meegenomen. Goede gesprekken aan tafel over levensfilosofie, politieke en economische systemen, Meneer Li begint zich ook op andere onderwerpen kennelijk voor onze mening te interesseren. En dat is mooi want dat betekent dat de relatie weer een stap dieper gaat. Dus naderhand maar een feestje gevierd in Galaxy bar, waarvan Cleo de eigenaresse is. Zag er op mijn paasbest uit in een van Kim geleend overhemd maar ze was er niet. En dat was maar goed ook want het gaat weer eens alle kanten op met me. Gelukkig maar, ik word er blij van.

Een rondje rond de zon...

Precies een jaar geleden is het vandaag. Op de verjaardag van wijlen mijn grootmoeder en van mijn maatje Kors, die ook nog eens hier is. Aan de ene kant voelt het veel langer, aan de andere kant ook zo ongelofelijk kort. Ik heb in dat jaar meer gezien en meegemaakt dan in de vijf jaren ervoor opgeteld. Maar door die razendsnelle afwisseling van omgevingen, gewonnen en soms ook heel snel weer verloren liefdes, vriendschappen en belevenissen, gezette tatoeages, de vele vluchten met meer en minder betrouwbare Chinese luchtvaartmaatschappijen en momenteel de plannen voor het hotel in Jinghong, is mijn leven een soort snelkookleven geworden. Waardoor dat jaar tegelijkertijd ook zo kort lijkt. Waardoor mijn leven zoveel interessanter is geworden dan het daarvoor was. Niet makkelijker, wel interessanter. Ik heb het natuurlijk over mijn vertrek uit Nederland. Waarvan ik dacht het voor een paar maanden zou zijn. Waarvan nu blijkt dat het voor jaren zal worden. Raar gevoel maar ook heel bevredigend.

Ik voel me hier in Jinghong meer in balans dan ooit tevoren. Zelfs nadat mijn leven de afgelopen weken nog meer is verlevendigd door een onverklaarbaar heftige maar door mijn eigen onbeheerste reactie daarop ook onbeantwoorde verliefdheid waarmee ik om probeer te gaan. 'Is het niet fantastisch om te weten dat je nog steeds een vlam in je hart hebt?' zei Joachim tegen me daarover. Wat zo is en waarom het nu goed is zoals het is. Ook voor deze ervaring zal de reden zich ergens de komende tijd wel aan me presenteren. Dat gevoel van balans is de belangrijkste reden om me hier te vestigen.

Het uitzicht voor het komende jaar is hard werken met een stel geweldige mensen om me heen. Waarmee ik ook de nodige spanningen ga krijgen want naast samenwerken gaan we ook samenleven. Met zijn vijven in een appartement van tachtig vierkante meter. 'Een guesthouse moet je leven' zegt Brian altijd. En dat gaan we doen. Brian en Jo komen vandaag terug van een visarun naar Laos. Nico, Joachim's broer, is vier dagen geleden aangekomen, Joachim zelf eergisteren. Zodat we vandaag voor het eerst met alle vijf de partners bij elkaar zijn. Aangezien Nico de achtste weer vertrekt, hebben we de komende dagen een berg besluiten te nemen. En wanneer dat allemaal lukt, geven we elkaar ergens die komende dagen een hand en gaan we dit doen samen.

Ik heb me altijd afgevraagd waarom ik deed wat ik deed de afgelopen vijftien jaren. Ben altijd ambivalent geweest over de door mij gekozen carriere, als je het al een carriere kan noemen. Er zaten leuke aspecten aan, vooral het omgaan met en leiding geven aan mensen. Er zaten minder leuke aspecten aan, vooral het omgaan met politiek gedoe in organisaties. Ik dacht altijd dat de centjes die ik ermee verdiende en het aanzien dat het gaf voldoende compensatie boden voor de minder leuke kanten maar ik had het bij het verkeerde eind. Het oprichten en draaiende houden van het hotel zal een aanslag worden op al mijn ervaring. Mijn juridische verleden, mijn management opdrachten, mijn kennis van ICT (hoe beperkt ook, lieve Marcel

Laughing
), mijn persoonlijke ontwikkeling door die jaren heen, het voelt alsof het allemaal slechts op mijn pad is gekomen om me in staat te stellen leiding te geven aan dit groepje ernstig slimme, creatieve, krachtige en vooral ook spannende mensen. Wat betekenis verleent aan mijn in het verleden gemaakte keuzes. En dat is een prachtig gevoel.

Het gaat een mooi jaar worden.

Over het gedoe met de blog nog kort dit. Mijn gebrekkig ICT kennis had me het feit onthouden dat ik de blog achter een wachtwoord kon zetten. Gelukkig maar want nu kan ik gewoon doorgaan op de vertrouwde plek. Ik zal in de laatste twee verhalen de feiten weer terugbrengen zoals ze waren. Maar niet vandaag.

Stop er mee...

Lieve mensen, trouwe volgers,

Ik heb zojuist de laatste twee verhalen en de laatste fotoserie aangepast. Sophie (jullie kennen haar onder een andere naam die ik niet meer kan herhalen) kreeg clienten aan de lijn die haar gegoogled hadden en die kwamen op mijn blog uit. Kennelijk heeft Reismee haar zaken goed voor elkaar, waarvoor hulde.

Echter, ik vind privacy een groot goed, zeker van andere mensen waarover ik schrijf. Ik heb me nooit gerealiseerd dat deze blog zo vindbaar is. Ik heb twee keuzes. Ik kan vanaf nu alle namen gaan fingeren. Of ik stop er mee en schakel over naar een email nieuwsbrief. En ik ga het laatste doen.

Ik heb dat besluit genomen om twee redenen. Enerzijds mijn eigen privacy, anderzijds wil ik graag helemaal vrijuit kunnen schrijven voor jullie. En komt er ooit nog eens boek van, zal ik daarin de namen wel fingeren

Laughing
.

Ik zal iedereen die nu op de mailinglijst van de blog staat op de mailinglijst van de nieuwsbrief zetten. Mocht je er af willen, stuur me dan een berichtje van die strekking. Mochten er andere mensen op willen, geef ze dan mijn mailadres zodat ik kan beoordelen of ik dat ook wil.

Nuhi

Zat ik er even goed naast...

De rust die over mee heen komt wanneer ik op het dak van ons hotel zit tijdens de zonsondergang is fantastisch. Ik zie een bijna driehonderdzestig graden uitzicht over heel Jinghong. Over de nieuwe, hoge flats in de stad. Met hun driehoekige, door de plaatselijke bouwstijl ingegeven daken zijn ze anders dan op andere plekken in China. De nieuwe brug over de Mekong in de verte. Het park dat in onze achtertuin ligt met daarin de tempel. In de verte zie ik de bergen die het stadje omzoomen. Ik hoor een auto dichtbij, ik hoor het gegons van de snelweg in de verte, zachtjes maar nadrukkelijk. Rijstvelden en andere akkers strekken zich uit in de richting van de grote Buddha halverwege op de berg aan de horizon. En de zon gaat onder achter de gebouwen naast ons.

Ik kom net van de telefoon met Sophie. Een fijn gesprek. Losjes met wat goede spanning ergens, in het midden van het gesprek, een mooi moment. Mijn Valentijnsgeschenk aan haar veroorzaakt een blije uitdrukking op haar gezicht. 'Een prachtig geschenk' zegt ze tegen me en ze glimlacht. We vallen stil en kijken elkaar een tijdje aan via onze camera's en beeldschermen. Later blijkt dat ik haar verkeerd lees, en zij mij. Ik voel dat het er misschien toch in zit, aartsoptimist die ik ben of ben geworden hier. Zij besluit dat het toch echt niet gaat gebeuren en gaat er van uit dat ik dat al langer snap en dat we vrienden worden. Het maakt me verdrietig, ik heb het zwaar te pakken. Maar ja, 'nee'  horen hoort erbij in dit leven. 'Nee' ontvangen is niet mijn sterkste kant maar ook op dat gebied blijf ik leren. Het leven gaat verder, ik probeer me op mij eigen besognes te richten. En ik heb gelukkig hier in Jinghong steeds mensen om me heen waarmee ik mijn zinnen kan verzetten en doe dat ook.

Een paar dagen voor het telefoongesprek maak ik mijn visa reisje naar Laos. Mijn visum is een zogenaamde 'double-entry' wat betekent dat ik na drie maanden even China uit moet en er meteen weer terug in kan voor nog eens drie maanden. Ik vraag Greg van Mekong Cafe hoe dat in zijn werk gaat aan de grens. 'Je gaat naar Mohan, naar de grensovergang, checkt uit uit China, steekt de weg over en checkt weer in, fluitje van een cent. Drie uur in de bus heen en drie uur weer terug.' Er zijn twee bussen, om zeven uur en om elf uur ‘s ochtends. Dus ik neem die van elf uur. Ik ben al heel aardig aangepast aan het lokale tempo. Na twee uur komen we aan in Mengla, waar we stoppen om te eten. Ik beland in een klein 'jauzi' (dumpling) tentje tegenover het busstation en bestel een bord gestoomde jauzi. De uitbaatster, een vrouw van naar schatting begin zestig, zeer Chinees, zet me het bord voor en een tandenloze man die even later haar echtgenoot blijkt te zijn gebaart naar een grote blauwe plastic beker die hij net heeft omgespoeld en gevuld met 'baijiu'. Oh, oh. De baijiu komt uit een kleine, vierkante plastic fles. Dezelfde soort fles die ik een jaar geleden voor het eerst zag. Twee kuai, twintig eurocent, voor een liter. Als dat maar goed gaat. En weigeren is er niet bij. Ze nodigen me uit aan hun tafel, laten me naast de jauzi proeven van hun eigen eten, kip, scherpgekruide vis en een mij onbekende soort groente. De man en ik proosten terwijl ik probeer met het kleine beetje Chinees dat ik spreek een conversatie op gang te houden. Na een halve beker baijiu begin ik een beetje te zweten, ik moet hier weg anders haal ik de grens niet eens. Ik neem afscheid van ze, ze vragen vier kuai voor de jauzi, vierenveertig eurocent. De rest van het eten mag ik niet betalen. Ik klim in de bus en kan me niet meer op mijn boek concentreren, de baijiu zit in de weg. Dommelend schommel ik nog een uur door in de bus, die de passagiers vlak voor de grens afzet. Ik loop naar de douane, check uit, steek de weg over naar de andere kant, vul een zogenaamde departure kaart in en meld me aan de balie om weer in te checken. 'Excuses meneer, u heeft geen stempels van de douane in Laos.' 'Moet dat dan?' vraag ik. 'Ik heb begrepen dat dat niet nodig is.' 'Regels zijn regels!' krijg ik op chagrijnige toon toegevoegd. Waardoor ik weet dat verder discussieren niet gaat helpen, daarvoor heb ik teveel ervaring met douaniers op de Balkan. De busreis heeft door de lunch stop vier uur geduurd zodat het inmiddels drie uur is en ik heb gehoord dat de laatste bus terug naar Jinghong om vier uur gaat. Opschieten dus.

Aan de Laotiaanse kant hebben ze geen haast. Ik moet een visum voor Laos kopen voor dik dertig euro, het kost een bladzijde in mijn paspoort omdat ze er op staan het visum er in te plakken en het duurt en het duurt. Als ik eindelijk weer terug ben aan de Chinese balie kies ik uit chagrijn voor een andere douanier. Loopt soepel, hij vraagt 'Spreek je Chinees?' in het Chinees wanneer hij alle visa in mijn paspoort ziet. 'Pardon, ik spreek geen Chinees' zeg ik in het Engels tegen hem. Hij kijkt me aan, zet de stempels en ik ben weer binnen. Fijn. Ik loop het plaatsje Mohan weer binnen waar op het busstation een man naar me toe komt. 'Mengla?' vraagt hij. Ik antwoord 'Jinghong'. 'Duiduidui', wat zoveel betekent als 'Sgoedsgoedsgoed'. Het is een klein busje, ik zit er met vier andere passagiers in, we rijden naar Mengla in anderhalf uur. De beste man neemt een omweg om stiekem ergens de tolweg op te draaien, hij omzeilt zo de tolpoort. Handige jongens, die Chinezen. En kom na een rit in een normale bus tussen Mengla en Jinghong ‘s avonds weer aan Jinghong. Drie maanden China in het vooruitzicht.

Een van de redenen waarom ik Sophie uberhaupt beter leer kennen is het feit dat ze advocate is en de weg weet in 'WFOE-land'. Waarbij WFOE staat voor Wholy Foreign Owned Enterprise. Ik vraag haar een offerte te maken om ons te helpen bij de juridische kant van het oprichten de 'WFOE' die wij nodig hebben maar besluit uiteindelijk om deels zakelijke, deels persoonlijke redenen de opdracht ergens anders te gunnen. Gelukkig maar, het was lastig geworden anders. Verplicht zakelijk contact hebben terwijl je hart persoonlijke redenen heeft is niet heel erg wijs. We geven de opdracht uiteindelijk aan de advocate die losvast is verbonden aan de Italiaanse adviseur die we inhuren om ons te helpen alle administratieve beslommeringen het hoofd te bieden. En die ons vertelt ons geen zorgen te maken. Na wat belletjes naar de lokale autoriteiten in de persoon van Meneer Tang te hebben gedaan komt het volgens hem allemaal goed. Brian en ik hebben er een hoop lol over. 'Die Meneer Tang is zeker vanochtend wakker geworden naast een afgehakt paardehoofd' zegt Brian tegen me. De spanning die we daarvoor voelden over het feit of het allemaal wel zou kunnen, een geheel door buitenlanders gerund hotel, valt erdoor van ons af. We gaan het eerste WFOE-hotel in Yunnan starten. Met dank aan de Wereld Handels Organisatie, de toetreding tot die club heeft China verplicht dit toe te staan. Daarvoor kon het niet, in hotels verblijven heel veel mensen dus dat werd beschouwd als een politiek risico. Net zoals scholen.

De volgende stap is het maken van een eerste plan voor de verbouwing en decoratie en voor de marketing campagne. Brian rent als een kip zonder kop door het hotel maar verbaast me wanneer hij een week later een compleet overzicht uit de hoed tovert van hetgeen de aannemer moet doen, ondersteunt door een veertigtal tekeningen. Jo komt ondertussen vertellen over haar research naar de loklale minderheden, ons thema en dus belangreike input voor de marketing. Waardoor ik weer weet waarom ik samenwerk met ze, ze zijn goed, erg goed, in wat ze doen.

We liggen op koers. Ik ben druk in de weer met het administratieve en juridische gedoe, Brian en Jo zijn in Laos voor een nieuw visum en schrijven daar de teksten voor de website, onze Duitse partner Kim heeft definitief toegezegd mee te doen. En heeft ondertussen zijn stiefbroer aan boord gebracht. Die tot voor kort baasje was van een groep timmermannen, loodgieters, electriciens en decorateurs voor Hilton Hotel in Duitsland. Het universum werkt nog steeds mee. Behalve rondom Sophie dan.

Sophie

De berg papiergeld verschuift door mijn handgebaar dertig centimeter over de koffietafel in de richting van Meneer Li. Met die beweging verandert de honderduizend renminbi, ongeveer elfduizend euro, van eigenaar. 'Je begrijpt dat wanneer jullie er niet in slagen om voor 1 juni een bedrijf te starten om de definitieve overeenkomst te tekenen, je deze aanbetaling kwijt bent?' laat Meneer Li via de vertaalster weten. We snappen het. Onze voorlopige overeenkomst wordt hier bezegeld. De overeenkomst om voor tien jaar het hotel van hem te huren, de overeenkomst die we recentelijk in Dali hebben uit onderhandeld. We zitten in het hotel, het is zes verdiepingen hoog en ongeveer een half voetbalveld lang. Babyroze met blauwe strepen. Een heel grote zuurstok. Jinghong is nog steeds de prachtige plek met palmen. En het feit dat Meneer Li er niet woont maakt het veel gemakkelijker om het hotel van hem te huren. Geef je Chinese partner vooral geen ruimte om mee te sturen in je bedrijf. De meest belangrijke maar minst geleerde les in modern China.

Na het tekenen van de voorlopige overeenkomst zetten we de eerste stappen op weg naar iets van organisatie. We moeten internet in het appartement zien te krijgen. China Telecom's idee van service jegens buitenlanders is nogal eigenaardig. We worden eerst afgepoeierd door iemand die ons zegt over een half uur terug te komen. Wanneer we terug komen blijkt ze haar dienst beëindigd te hebben. Een klassieke ontwijkingstruc van Chinees baliepersoneel op het platteland wanneer ze met Westerlingen te maken krijgen. We leggen het verhaal opnieuw uit. Aan iemand die ons vervolgens anderhalf uur aan het lijntje houdt met de voor Westerlingen in China zeer bekende en vooral gehate kreet: 'Mei you!', letterlijk 'Heb niet!'. Of nog erger, 'Mei you ban fa!'. 'Heb geen oplossing!'. 'You ban fa!' voegt Brian haar toe, vrij vertaald 'Je hebt wel een oplossing!'. Met onze armen gekruist voor onze borst weigeren we weg te gaan. Vertikken het te accepteren is de enige mogelijkheid om verder te komen. Chinees baliepersoneel steekt liever anderhalf uur energie in het weigeren van dienstverlening dan in vijf minuten service. Want de service mocht eens tot gezichtsverlies leiden. Risicomijdendheid moet een Chinese vinding zijn. Ik heb in mijn tijd als manager in Nederlandse overheidsorganisaties mooie staaltjes van risicomijdendheid gezien maar nooit zo doorwrocht als hier. Na een aantal telefoontjes met Meneer Li en onze advocaat  krijgen we eindelijk onze aansluiting. Dat is dan weer het vreemde, een tweetal de baliemevrouw volkomen onbekende Chinese stemmen aan het andere eind van een telefoonlijn geven haar de zekerheid dat ze niet in de problemen komt met het inwilligen van onze wens. Het hadden gewoon vrienden of bekenden van ons kunnen zijn. Het maakt ons weinig uit, we krijgen onze zin. De dagen erna staan in het teken van het kopen en naar de zesde verdieping slepen van meubels, kantoorspullen, computers, onze bagage. We richten het appartement in als woon- en werkomgeving. Een paar lelijke, eveneens zuurstokkleurige banken, bureau's, bureaustoelen waarvan er na een uur al een stuk gaat, een groot whiteboard dat we naar het hotel transporteren in de Chinese variant van een bakfiets. We moeten een creatieve en produktieve omgeving creëren, we gaan ons leven veranderen. Ik blijf voor minstens tien jaar in Jinghong. Ik ben blij.

Grote bruine ogen omlijst door prachtig, opgestoken zwart haar kijken me aan. 'Spreek je Nederlands?' vraagt ze me. 'Jazeker' antwoord ik. 'Mag ik bij jullie aanschuiven, bij mijn tafel vind ik geen stopcontact en de batterij van mijn computer is bijna leeg.' 'Natuurlijk, welkom, ik ben Nuhi, da's Kim.' Ik zit op het smaakvol ingerichte terras van een cafe in Jinghong te praten met de Duitser met een gebroken sleutelbeen waarmee we gesprekken voeren om aan boord te komen van ons guesthouse avontuur. 'Waar kom je vandaan?' vraag ik haar. 'Uit Gent.' Mijn geboortestad. De stad van I Love Techno, de enige reden waarom ik er ooit terug ben geweest. Ze straalt kracht uit en zelfstandigheid maar is tegelijkertijd op en top vrouw.  Een zeldzame combinatie.

De dag voor deze ontmoeting hebben we op het eerste gezicht last van wat tegenslag in onze beslommeringen rondom het guesthouse. Charley, onze vierde investeerder in wat nu definitief 'The Balcony, Jinghong' heet, meldt dat hij misschien moeite heeft de benodigde centjes op tijd bijeen te sprokkelen. Ik spreek mogelijke scenario's door tijdens het ontbijt met Brian. Minder investeren, andere mensen benaderen voor het vierde deel, hoe dan ook hebben we in ieder geval wat werk te verzetten. Na het ontbijt gaan we verder met waar we mee bezig waren. We zijn ingetrokken in het appartement op de zesde verdieping van ons hotel en de boel moet verder op orde gebracht worden. We hebben een computernetwerk gekocht en dat wordt geinstalleerd. Hopen dat dat wel heel blijft.

Na het werk van die dag loop ik binnen bij een ander van de drie op westerlingen gerichte cafe's in Jinghong. Het heeft de oppervlakte van een grote tafel en serveert fatsoenlijke Westerse gerechten uit een keuken ter grootte van een handdoek. 'Wat is er met jou gebeurd?' vraag ik de jonge man op het terras die met zijn arm in een mitella met één hand op zijn computer zit te tikken. 'Ongelukje op de fiets, zeker?' Ik heb er ervaring mee, niet uit eerste hand maar als wielrenner herken ik de verwonding meteen. 'Inderdaad, ik ben van Duitsland naar China gefietst en twee dagen geleden gevallen. Sleutelbeenbreuk.'  'Shit, da's niet goed.' 'Nee, inderdaad. Maar ze hebben me hier in het ziekenhuis aardig opgelapt, het is alleen erg pijnlijk.' Hij gaat verzitten en zijn gezicht vertrekt, alsof hij probeert me ervan te overtuigen dat het pijnlijk is. Ik geloof hem.

'Dit zijn Peter en Eileen' zegt  Sophie wanneer ze bij ons aan tafel gaat zitten in het cafe. Ze lacht naar me. Ze draagt een blauwe broek en een felgekleurde tanktop en is de dag ervoor met haar twee vrienden aangekomen uit Chengdu waar ze woont. De blikken van Eileen en Peter zijn ietwat waterig. Er is in Jinghong niet heel veel te doen op uitgaansgebied maar toch voldoende om een kater te kunnen oplopen. Blijkbaar. Pieter kijkt naar mijn computerscherm. Daar is een strokenplanning van ons project op te zien en hij vraagt ernaar. 'We openen een guesthouse, ik zit de boel te plannen.' 'Hoe ga je dat doen?' vraagt hij. Ik vertel hem dat we het zonder Chinese partner gaan doen, iets wat nog niet heel erg normaal is in dit deel van China. En dat ik wat zorgen heb over hoe een en ander juridisch te regelen. 'Sophie is advocate.' 'Nietwaar, echt?' Ik ben verbijsterd. Een paar weken geleden loopt er op een kritiek moment een accountant mijn leven in. Een heel lelijke. En nu loopt er een advocate mijn leven in. Een heel mooie. Ik vraag haar of de offerte die we hebben gekregen van een adviesbureau in Kunming om ons te helpen bij het oprichten van een bedrijf redelijk is. 'Da's wel zo'n beetje de standaard hier in West- en Zuid-China. In Beijing of Shanghai is het stukken duurder.' 'Heb je een kaartje? We moeten hier verder over praten.' 'Jazeker.'

Kim en ik praten verder na onze eerste kennismaking rondom zijn sleutelbeenbreuk. Hij vraagt me wat ik hier doe. Ik ratel mijn guesthouse verhaal af. 'Wat een fantastisch project! Ik heb een opleiding in hotelmanagement en mijn droom is om ooit ergens een hotel te openen.' Zijn enthousiasme is aanstekelijk en ik wijd verder uit over de plannen die we hebben. Naarmate hij meer hoort, wordt zijn enthousiasme groter. Vraag na vraag na vraag. Ik krijg het idee dat we hier misschien iemand hebben die mee wil doen. Iemand die naast geld ook kennis en ervaring kan inbrengen. En daarvan heb je nooit genoeg. Het universum werkt weer mee. Brian en Jo komen binnen en we wisselen met zijn vieren allerlei ideeën uit. 'Wat denk je ervan?' vraag ik Brian wanneer we naar huis lopen. 'Ik denk dat hij mee wil doen.' Brian wikt en weegt: 'Hij lijkt me een goeie gozer, creatief, en dat gekke idee van hem in Spanje, ik houd daar wel van.' Kim vertelde ons eerder hoe hij een baan vond in Spanje door met een groot bord over straat te lopen. 'Gezocht: goede baan voor iemand met twee diploma's die zes talen spreekt.' Hij haalt er het nationale nieuws mee en krijgt aanbiedingen van meer dan zestig bedrijven zonder één sollicitatiebrief te schrijven. Dat is het soort denken en de actiebereidheid die we nodig hebben. We besluiten het hem te vragen, ik heb de dag erna een ontbijt afspraak met hem. Ik stuur hem die avond nog het businessplan zodat we dat kunnen doorspreken.

Kim en ik worden steeds enthousiaster over mogelijke samenwerking terwijl we ontbijten op het terras van MeiMei Cafe. Zijn ideeën en wensen sluiten naadloos aan op onze plannen. Ook op persoonlijk vlak zit het goed. We blijken dezelfde interesses te hebben wanneer hij vraagt: 'Hoe zijn de vrouwen hier in Jinghong?' 'Kijk om je heen!' lach ik hem toe. 'Ik moet er wel bij zeggen dat ik de afgelopen twee maanden nog niet heel succesvol ben geweest hier.' Ik heb er ook niet heel erg naar gezocht maar merk ondanks dat toch verschil met andere plekken in China, met name de grotere steden. 'Ga weg, jij zult daar toch zeker geen problemen mee hebben?' zegt hij. Hij is zelf tien centimeter langer dan ik, heeft grote blonde lokken en mijn inschatting is dat hij nogal aantrekkelijk is voor vrouwen. 'Da's misschien een reden om jou niet bij ons project te willen hebben, je gaat mijn markt bederven.' zeg ik tegen hem. We lachen er om. We zijn in China. Iedere westerse man is interessant.

Die middag loop ik weer langs het terras waar ik 's ochtends Sophie leer kennen. Ze zit er nog. Te praten met de veel te mooie Kim die ik een paar uur eerder met haar achterliet op hetzelfde terras. Ze zit met haar benen over de leuning van haar stoel, hij vertelt zijn verhalen. Mooie, interessante verhalen over zijn reis door Klein-Azie. Ik voel een steek van jaloezie maar onderdruk die. Ik ga bij het stel aan tafel zitten en voel me verloren, ze praten verder zonder mij op te merken. Ik kijk wat om me heen, drink mijn glaasje water en besluit om te gaan. Ik zeg ze gedag. 'Ik zie je misschien later nog?' vraagt Sophie wanneer ik opsta.

Brian, Jo en ik eten 's avonds bij Mekong Cafe, het laatste van de drie Westerse plekken. Het beste en slechtste Westerse eten, afhankelijk van wie er kookt. Greg, de Franse eigenaar, maakt geweldige steaks en ook speciale bestellingen zijn nooit een probleem. Wanneer zijn personeel kookt eet ik er liever niet. Ik praat de hele middag ervoor over niets anders dan mijn ontmoeting met Sophie. Als we langs MeiMei Cafe lopen op weg naar het naastgelegen Mekong Cafe zie ik haar zitten. Op dezelfde stoel als 's middags. Zonder Kim. 'Wij gaan hiernaast eten, heb je zin om mee te gaan?' vraag ik. 'Ik heb net eten besteld hier...'. 'Kom dan daarna met ons een biertje drinken.' 'Okay!' Ze is er binnen een kwartier. Wat later komen ook haar vrienden langs.

Chinees nieuwjaar. Overal gaat vuurwerk af, Jinghong lijkt op oorlogsgebied, qua geluid dan. Pistolen, machinegeweren, zware artillerie, scheepsgeschut, alle geluidscategoriën komen langs. Ik heb de avond ervoor tijdens onze biertjes Sophie en haar twee vrienden aangeboden ze naar een strandje aan de Mekong te brengen. En ik heb aangeboden dat ze die nacht bij ons terecht kunnen voor onderdak. Hotels worden zes keer zo duur als normaal gedurende nieuwjaar en ze waren op zoek naar een alternatief. Ik ontwaak rond het middaguur en zie een sms van Sophie. 'Geldt je aanbod nog?' 'Natuurlijk, waar zijn jullie?' 'Net ontbijt besteld in MeiMei's. ' 'Ik ben er over een halfuur.' Ik loop langs het terras, ik moet mijn was ophalen om de hoek. Ze zit er. Ze lacht naar me. De avond ervoor hebben we gedanst. Close. Ik ben lang niet zo gelukkig geweest. Ze is zo vrouwelijk in haar dansen. Na het ontbijt nemen we een taxi naar het strandje. Het weer is mooi, de zon schijnt. Het strandje ligt op een vanaf de weg onzichtbare plek aan de rivier en naast ons zijn er dan ook alleen twee lokale vissers aan het zwemmen. De overkant van de rivier biedt zicht op een heuveltop met tropisch bos. Het is een idyllische plek die mijn romantische stemming vergroot. Ik voel Sophie's blijdschap wanneer we op het strandje liggen. Peter en Eileen zijn er ook maar ik heb slechts oog voor Sophie. We drinken 'een paar pintjes'. Haar Vlaams accent voegt nog meer kracht toe aan mijn gevoel voor haar.

Wanneer we rond zonsondergang terug willen naar Jinghong gebeurt waar ik bang voor was. Geen bussen, bijna geen verkeer. Alle Chinezen zijn met hun families verwikkeld in nieuwjaar diners. Peter wil lopen, een tocht van anderhalf uur. Sophie loopt naast hem, hun tempo is teveel voor mijn mediterrane pas. Eileen en ik lopen ons eigen tempo. Ik besluit om hulp te vragen en bel Greg van Mekong Cafe. 'Hey Greg, ik loop langs de Mekong op weg naar Jinghong. Kan je een auto sturen om ons op te pikken?' Ik schaam me er niet voor hem om hulp te vragen, we gaan die avond veel geld uitgeven in zijn restaurant. We hebben kaas, pate, foie gras en een paar flessen wijn besteld. Chinees nieuwjaar met Europese lekkernijen. Sophie en Peter stelden het voor, haar Bourgondische inslag maakt me blij. Heb die zelf ook. Het wordt een bijzondere avond met veel mooie mensen om ons heen. Sophie is gekleed in een laaggesneden zwarte jurk met bijpassende hoge hakken. Ik voel me ontoereikend gekleed in mijn spijkerbroek en slippers. Maar we dansen. En kussen. Voor het eerst. Omhelzen elkaar. De mensen om ons heen genieten van onze blijheid, ze maken om de haverklap foto's van ons. Om een uur of twee gaan we naar huis door de wolken met cordietdamp die overbleven van al het vuurwerk dat om middernacht nieuwe hoogtepunten bereikte. In ons appartement wordt flink doorgefeest door de groep die mee terug komt. Sophie en ik praten. Intiem maar met grenzen aan de intimiteit. Ik voel haar geremdheid om zich volledig te geven maar maak me daar geen zorgen over. Ze lacht wanneer ik haar vertel hoe ik me voel. 'Charmeur!'

Ik geniet van haar aanwezigheid nadat we wakker worden. En zij van de mijne. Denk ik.  Ze zit op haar computer te werken wanneer ik de grote, vierkante woonkamer-annex-kantoor inloop waar nog drie mensen liggen te slapen op twee slaapbanken. Ik omhels haar van achteren terwijl ze op een bureaustoel zit. Ons is maar één dag gegund, ze moet 's avonds terug naar Chengdu. Ze is advocate en dat betekent ook in China hard werken.

We relaxen de hele dag op een terras. Alleen Sophie werkt, afwisselend turend naar haar computer en haar telefoon. Wij drinken. We hebben lol, Brian vertelt zijn verhalen. Met zijn gebruikelijke flair en humor. Ik hoor iedere keer nieuwe versies van dezelfde verhalen zodat ik ze met een korreltje zout neem maar grappig zijn ze. Aan het eind van de middag wandelen we door het tempelcomplex naast ons hotel. Het licht is prachtig, de gouden versieringen van de gebouwen lichten op als het vuurwerk van de dag ervoor. Ik maak foto's van Sophie. We bestellen eten van het restaurant dat in de tuin van ons hotel ligt dat we op het dak eten. We genieten van het uitzicht. En Sophie en ik van elkaar. De laatste zoenen, de laatste omhelzingen. ‘s Avonds laat krijg ik een sms wanneer ze is geland in Chengdu om te zeggen dat ze veilig is aangekomen en waarin ze me vraagt haar op Skype te vinden.

Maar de dag er na komt de mail. Ze is meegesleept door zon, wijn en pintjes, schrijft ze. Het is te snel, te veel. Dat begrijp ik. We blijven wel skypen, verder helpt ze ons met onze juridische perikelen rondom het opstarten van het bedrijf. Die perikelen zijn door ons korte avontuur wel wat groter geworden. Doordat ik Sophie tegenkom realiseer ik me dat ik met LiQiang niet verder wil en maak het uit met haar. Aangezien ze ons heel erg behulpzaam was bij allerlei contacten met de plaatselijke overheid en met het vinden van mensen om voor ons te werken wordt het allemaal wel wat lastiger. Maar ik heb van Brian en Jo drie dingen geleerd: het universum duwt je zachtjes en soms harder in de richting van ervaringen die je nodig hebt, geluk is de vaardigheid om kansen in de kiem te zien en wanneer je écht besluit om iets te doen zullen de middelen zich aan je presenteren wanneer je ze nodig hebt. Ik ben als aarts-realist altijd erg sceptisch geweest over dergelijke zaken maar ik heb de afgelopen periode zoveel voorbeelden meegemaakt dat ik geen keus meer heb dan het te geloven. En ik wil het ook geloven, het leidt tot een positieve en optimistische manier van leven. Het komt allemaal goed.

Koud, koud en nog eens koud

Op het vliegveld van Dali schijnt het zonnetje nog, bleek maar zeker. In de taxi van het vliegveld naar de oude stad pakken de wolken zich samen en als we uitstappen regent het. Hopen dat dit geen voorteken is. We zijn in Dali om de gesprekken met Mr. Li af te ronden. Mr. Li is de eigenaar van het pand waarin Brian, Jo en ik ons 'boutiqe style' guesthouse gaan beginnen. De plannen zijn klaar, de cijfers gekraakt, de feedback van diverse vrienden overdacht en we gaan het doen. Mr. Li zal ons moeten helpen, onze cijfers zijn gebaseerd op het beginnen met betalen van huur op 1 augustus maar we willen in de loop van mei al beginnen met verbouwen. Want verbouwd moet er worden.

Ergens begin december, ik was net in Jinghong aangekomen, spreek ik met Greg, de uitbater van Mekong Cafe, over mijn onheldere plannen om misschien, ooit eens, ergens, een guesthouse te starten. Ik heb in Dali erg veel plezier gehad tijdens het werken in de Dali Hump en wat meer van dat zou mij wel passen. Een paar dagen later neemt hij ons mee naar het pand waar een kennis van hem een restaurant in drijft. Naast het restaurant is er een theewinkel in het pand maar het grootste deel is een slecht gerund Chinees hotel waarvan er zoveel te vinden zijn overal in China. En het staat te huur. We lopen er in rond en ontdekken een prachtig balkon met uitzicht over een park en de nieuwe tempel. We lopen verder en komen op het dak uit. Adembenemende uitzichten over het stadje met al zijn ontwikkelingen en bouwprojecten. Dit zou wel eens kunnen werken. Hardop denkend zijn we al aan het verbouwen. Muren hier eruit, bar / restaurant hier, keuken daar, badkamers vervangen, thematische kamers, de lijst wordt lang. De dagen en weken erna slaan we aan het rekenen en researchen. Afspraken met aannemers voor offertes voor de verbouwing, lijsten aanleggen van inventaris die moet worden gekocht, prijzen checken op internet en in Jinghong zelf. Wat zijn de perspectieven van het stadje, we voelen allemaal de 'vibe' van ontwikkeling maar om daar nu een commitment van tien jaar op te baseren is wat dun. We spreken alle expats die hier bedrijven runnen, praten met vertegenwoordigers van de lokale overheid, schuimen het net af op zoek naar informatie. Het beeld dat daar uit opdoemt is eenvoudig: Jinghong gaat het worden.

Na de jaarwisseling komt de zaak dan ook bij elkaar. We rekenen de boel door, we boren alle negativiteit aan die in ons zit, wat kan er allemaal fout gaan. De conclusie is wederom eenvoudig, dit gaat werken. Naast het hotel in orde brengen is er een grote taak en dat is de marketing campagne opzetten. En dat is iets wat Brian en Jo al meerdere malen succesvol hebben gedaan. En met mijn inbreng aan de business kant moet dit lukken. En het gaat leuk worden, naast het guesthouse zijn er nu al allerlei andere initiatieven die een plek vinden in het business plan.

De ontmoeting met Mr. Li baart Brian en mij zorgen. Brian's ervaring in het onderhandelen met Chinezen is dat er eerst liters thee wordt gedronken, honderden sigaretten gerookt, geproost wordt met baijiu. We konden wel eens een week of langer vastzitten in Dali voor we resultaat boeken. En dat is geen pretje. De regen blijft aanhouden, het is gruwelijk koud en de huizen zijn onverwarmd en klam. Het is mij een raadsel waarom ze de huizen niet verwarmen, ik kan nergens warm worden en ik voel een verkoudheid of misschien wel griep opkomen. Daarnaast lukt het onze vertaalster niet om op tijd in Dali te zijn. Raakt onze mazzel uitgeput? De weken ervoor loopt alles op rolletjes. Ik stoei met balancesheets, income statements en cashflow overzichten, kom er niet uit zonder accountant. Ik zit achter mijn computer in Mekong Cafe als Greg naar me toekomt, een oude gozer loopt achter hem aan. 'Meet John, he's an accountancy professor in Kunming.' Hmmm, da's bijna te toevallig om toeval te zijn.

De tweede avond in Dali ontmoeten we een vriendin uit Kunming, Francesca, een Italiaanse die delicatessen uit Europa importeert. Haar Chinees is erg goed en we vragen haar om te vertalen. Ze kan niet maar weet iemand. Cecilia blijkt een droom van een vertaalster. Afgestudeerd in Engelse literatuur en met een business mind. Ze blijkt niet alleen te kunnen vertalen maar ons ook als mediator te kunnen helpen met de culturele aspecten van de onderhandelingen. Mazzel, dus. Een beetje opgebeurd door het vinden van Cecilia gaan we de volgende ochtend naar Mr. Li in zijn paleis. Hij heeft met eigen centjes een enorm complex gebouwd in de antieke stijl van de omgeving van Dali, 'Bai'. De cijfers waarover wij met hem gaan praten vallen in het niet bij wat hij hier heeft gespendeerd. Ons gevoel is dat hij vooral geinteresseerd is in een serieuze partij die wat van zijn pand kan maken. En diverse mensen hebben hem verteld dat wij dat kunnen. Dit gaat lukken.

Anderhalf uur later staan we buiten. Al onze onderhandelingspunten zijn door hem geaccepteerd in ruil voor een concessie van onze kant. Wij gaan pas huur betalen in augustus maar hij wil voor begin februari een aanbetaling van een derde van de huur voor het eerste jaar. En dat is voor ons geen enkel probleem. En begrijpelijk vanuit zijn standpunt. Geen sigaretten, twee koppen thee en beslist geen baijiu, Mr. Li blijkt een prachtig mens om zaken mee te doen.

Diego, de zakenpartner van Francesca, zegt dat hij wat olie moet bijvullen van de Suzuki Swift waarin we met zijn vieren van Dali naar Kunming gaan rijden. Hij dondert er drie liter in. Beetje veel voor een driecilinder, een liter motortje. Walmend komt het autootje dan ook na tien meter schokkend tot stilstand. We stappen uit, ik tril als een blad, koud, koud, koud. Ik heb alle kleren aan die ik bij me heb en nog ben ik door en door koud. Het tropische klimaat van Jinghong went snel... We duwen de auto een garage in en de monteurs beginnen te lachen als we uitleggen wat er mis is. Twee uur werk, zeggen ze. We gaan ergens wat eten. Gelukkig blijken de twee uur te kloppen en we zijn onderweg. Wat een rit van een uur of drie zou moeten zijn duurt al met al acht uur. In Kunming duik ik meteen mijn bed in, ook Kunming is winters koud. Spring city, my ass. Ik heb het koud, zelfs met de elektrische deken op de hoogste stand.

De volgend dag loop ik verdwaasd achter Brian aan terwijl we ons boodschappenlijstje in Kunming afwerken. Praten met die, praten met die, gitaar kopen voor Jo, wat eten, de dag schiet om. 's Avonds moet ik eten met Mike, van de versnellingsbakken. Dat wordt wat, ik voel me erg beroerd, snotter dat het een lieve lust is en zou het liefst de hele dag in bed zijn gebleven. Mike neemt ons mee naar een Koreaans restaurant in een groot hotel, we wachten ik weet niet hoe lang op een taxi. En het is nog steeds koud. Ondanks alle goede dingen van de afgelopen dagen en weken ben ik niet erg blij. Ziek, dat ben ik wel. Na het diner nog wat drinken en dan onder de elektrische deken, de volgend dag terug naar Jingong, naar de zon.

En daar ben ik dan nu weer. De warme dag van vandaag heeft me nog niet helemaal beter gemaakt maar ik heb het in ieder geval niet meer koud, zelfs grieperig zit ik in shorts en t-shirt op een terras. De komende dagen gaan we aan het plannen, projectplan maken voor de start-up van het hotel en het oprichten van het bedrijf, we gaan alles helemaal legaal en netjes doen. Naast alle werk gaan we het hele proces documenteren via een blog, artikelen op een aantal op expats gerichte websites in Kunming en Chengdu en hopelijk ook artikelen in diverse kranten en tijdschriften in Europa om zodoende meteen een 'buzz' te creeren rondom onze plannen. En wie weet, misschien komt er wel eens een boek van. Zodra de blog in de lucht is, laat ik dat uiteraard weten.

Schrijven, schrijven, schrijven...

Hoi lezers,

De laatste weken hebben in het teken gestaan van schrijven. Brian, een gepubliceerd schrijver met verschillende boeken en series artikelen voor Britse en Ierse kranten op zijn naam, helpt mij met het ontwikkelen van mijn creatieve schrijfsels. Leuk om te doen en volgens hem heb ik er wel enige aanleg voor. We werken aan een serie artikelen over de beleefde avonturen tijdens de maanden dat we samen hebben gewerkt in Dali, doorspekt met onze ideeen over zowel de Westerse als de Chinese samenleving en onze positie daarin. Ik schrijf in het Engels aangezien Brian's Nederlands te wensen over laat, maar als dat lezenswaardige stukken oplevert, zal ik ze in het Nederlands vertalen en op de blog posten. Tenzij ik er commercieel emplooi voor vind, natuurlijk

Tongue out
.

Verder heb ik druk geschreven aan...jawel...een business plan. Het bloed kruipt kennelijk waar het niet gaan kan. Zoals ik in mijn vorige verhaal aangaf heb ik het goed naar mijn zin hier in Jinghong en ik zou een langer commitment hier wel aandurven, mits de goede kans voorbij zou komen. En die kwam in de vorm van een thans Chinees hotel, slecht gemanaged en ongeinspireerd, dat in de verhuur staat voor een relatief bescheiden bedrag. Prachtige locatie aan de zoom van het grootste park in Jinghong, Manting Park, in een rustige buurt en met een mooie layout om er zowel een guesthouse als bar / restaurant van te maken. Een groot balkon op de derde verdieping en de mogelijkheid om op het dak een terras aan te leggen met prachtige uitzichten over de stad maken het gebouw zeer geschikt voor de geplande activiteiten. De kwalitatieve plannen zijn klaar en ik ben nu bezig met het in beeld krijgen van de investering die moet worden gedaan om het gebouw up-to-standard te krijgen. Dat houdt in werkplannen maken voor de verbouwing en aannemers vinden om een inschatting af te geven van de kosten die die verbouwing met zich mee gaat brengen. Zodra dat af is, kan ik op zoek naar investeerders, het is te groot om het zelf te dragen. Hier in Jinghong lopen diverse mensen zich warm om mee te doen en ook vanuit Dali heb ik belangstelling. Spannend...

Verder staan er een aantal gesprekken met hooggeplaatste officials op de agenda. De baas van het Bureau vor Toerisme in Xishuangbanna en de directeur voor alle economische ontwikkelingen in Xishuangbanna willen tijd voor me maken nadat ik via LiQiang bij hen onder de aandacht ben gebracht. Van hen heb ik informatie nodig over de plannen die de overheid heeft in het gebied om de basis informatie voor de marketing kant van het business plan op orde te krijgen. En verder wil ik de samenwerking met hen zoeken om Xishuangbanna bij meer toeristen en reizigers onder de aandacht te brengen. Plannen voor een informatieve website over het gebied maken deel uit van het business plan dat ik schrijf en daar wil ik uiteraard de plaatselijke overheid graag de rekening voor presenteren

Cool
.

Op prive gebied gaat het allemaal goed al ben ik wel net hersteld van de ernstigste voedselvergiftiging tot nu toe in China na het eten van hotpot, zeg maar Chinese fondue, een paar dagen geleden. Zo ernstig dat er stevige antibiotica aan te pas moest komen om het onder controle te krijgen. Brrrr. Het zal vanavond dus wel een rustig oud & nieuw worden voor me.

Hoe dan ook, vanaf een zonnig terras in Jinghong wens ik jullie allemaal een prachtig 2011 toe. Dat dat jaar voor ons allen maar veel moois mag brengen. Tot volgend jaar!